tedvanlieshout.nu archief

Ted van Lieshout: webarchief

Dankwoord Theo Thijssen-prijs (2)

(vervolg)

Op een bepaald moment vroeg mijn moeder opgewonden en gexc3xafrriteerd, toen ik niet gauw genoeg naar haar zin op een antwoord kon komen over welke grondstoffen er zoal gedolven worden: xe2x80x98Nou, waar rijden autoxe2x80x99s op?xe2x80x99

In paniek riep ik: xe2x80x98Steenkool!xe2x80x99

Dat was het moment waarop mijn moeder het aardrijkskundeboek in de hoek smeet en zei: xe2x80x98Volgens mij kun je het beter zelf doen.xe2x80x99

Ook daar wil ik haar voor bedanken, want ze heeft me daarna nooit meer overhoord, nam meer afstand van me, liet me mijn eigen gang gaan, en toen kwam het goed. Mijn cijfers vlogen omhoog. Ik bleef niet meer zitten, ik slaagde glansrijk voor mijn eindexamen en verhuisde naar Amsterdam om er aan de Rietveld te gaan studeren. xe2x80″ Zelf doen, dat zou mijn motto geweest kunnen zijn.

Dat ze me toch niet helemaal kon loslaten, bleek wel tijdens mijn studie aan de kunstacademie. Ik weet niet meer wat de aanleiding was, maar tijdens een van de lessen vertelde mijn leraar Piet Klaasse, waar mijn medestudenten bij waren, dat hij een brief van mijn moeder had gekregen waarin ze vroeg hoe het met me ging en of ik wel mijn best deed. Ik schaamde me dxc3xb3xc3xb3d, vooral omdat ik niet wist dat mijn moeder een brief naar school had gestuurd. Piet vond het juist wel charmant, want hij kreeg nooit brieven van ouders die informeerden naar de vorderingen van hun kroost.

Ik wil Piet graag bedanken. Dat hij allang dood is, doet er niet toe. Hij was mijn belangrijkste docent aan de kunstacademie en stond toe, na heel veel gemopper, dat ik een eindexamenscriptie schreef waar hij eigenlijk niet achter stond. Het schrijven van zoxe2x80x99n scriptie was noodzakelijk om te kunnen slagen en die moest over kunst gaan. Ik had helemaal geen zin in een betoog over Vincent van Gogh of over het Dadaxc3xafsme en had bedacht: als ik nou de belevenissen vertel van een eindexamenstudent aan de kunstacademie, heb ik xc3xa9n een scriptie die met kunst te maken heeft, xc3xa9n ik hoef er geen onderzoek voor te doen, want ik schrijf gewoon elke dag in een paar minuutjes op wat ik meemaak en hup, klaar. Wat ik niet wist, toen ik aan die scriptie begon, was dat er in dat jaar twee gebeurtenissen plaats zouden vinden, min of meer gelijktijdig, die ik onmogelijk buiten de scriptie kon houden: ik werd door een knokploeg mijn huis uitgezet en mijn broer ging dood. Daardoor kreeg mijn scriptie een totaal andere lading dan gedacht. Nadat ik geslaagd was, in 1980, overhandigde Piet Klaasse mij een brief die hij had gekregen van xc3xa9xc3xa9n van de leden van de commissie die het eindexamenwerk had beoordeeld. Zij had aan hem geschreven dat ze maar xc3xa9xc3xa9n keer eerder zoxe2x80x99n persoonlijk aangrijpend betoog had gelezen als mijn scriptie, en dat commentaar wilde Piet me niet onthouden.

Dat was mevrouw Boele van Hensbroek, de toenmalige uitgeefster van Lemniscaat. Ik wil haar bedanken, omdat ze met haar brief het gevoel in me wakker maakte dat ik misschien txc3xb3ch wel schrijver kon worden, iets wat ik graag wilde, maar waarvan ik dacht dat het niet kon.

Ik zocht haar op in Rotterdam en ze liet duidelijk blijken dat mijn scriptie weliswaar veel indruk op haar had gemaakt, maar dat hij tamelijk slecht geschreven was xe2x80″ en dat was ook zo. Mevrouw Boele van Hensbroek  gaf mij twee boeken mee om te laten zien hoe het wel moest. Dat waren twee titels van Anke de Vries. Ik las ze en wist meteen, hoewel ik de kwaliteit ervan onmiddellijk onderkende en ook zag dat ze beter schreef dan ik, dat ik een ander soort schrijver wilde worden.

Maar eerst ging ik aan de slag als illustrator. Ik maakte onder andere tekeningen voor Vrij Nederland, waar ik Aukje Holtrop tegenkwam. Ik wil haar bedanken voor het feit dat ze me zo nu en dan om een tekening vroeg.

Zo maakte ik kennis met De Blauw Geruite Kiel, de intens gemiste kinderrubriek die in Vrij Nederland stond, en waarvan Aukje Holtrop en Karel Eykman de redactie vormden.

Wat De Kiel zo bijzonder maakte was dat Aukje en Karel kinderen serieus namen voor wat betreft informatie en cultuur, en dat sprak me ontzettend aan.

Ik ging in opdracht van Karel tekenen bij gedichten die in De Kiel stonden, gedichten die in hun aard wel leken op de mijne, want die schreef ik in het geheim. Ik besloot xc3xa9xc3xa9n van mijn gedichten onder de snufferd van Karel te schuiven en die plaatste het. Vanaf dat moment bleek dat ik schrijver voor de jeugd was. Ik wil Karel dan ook graag bedanken dat hij me de kans gaf om mijn gedichten te publiceren en me zo een podium gaf om me te ontwikkelen.

(wordt vervolgd)

Advertenties

Written by Ted

28 september 2009 bij 10:53

Geplaatst in Geen categorie

%d bloggers liken dit: